Voorafgegaan door een andere bezetting waarvan alleen CC Jerome deel van uit maakte zijn deze drie momenteel Jerome (zang/ gitaar), Deon Buck (contrabas) en Coen Molenschot (drums/ percussie). Jerome kennen we nog uit zijn tijd met bands als The Bellhops en Tinstars en vertoefde daarna zo’n tien jaar in de USA met onder Rockin’ Ryan & the Real Goners. Deon en Coen kennen we van Mad Fred & the Maniacs, en onlangs en wat korter, Cat Rhythm.
De opener én catcher van het album is een ruige rocker die me wat doet denken aan de sound van The Planet Rockers en Reno Brothers en omvat alles wat rock ‘n’ roll zo spannend maakt, beginnend met een lekkere clichétitel als Hot Rod Party, en verder een overdosis aan rock ‘n’ roll drive, zéér tof gitaarspel, en dan toch iets verrassends: een saxsolo! (Door één van de gastmusici Martin van Toor of Tom Kooijmans). Ondanks de bovengenoemde eigen omschrijving van hun muziek, is de inslag vaak genoeg rock ‘n’ roll; zie daar I’m On Fire, met uitstekend Jerry Lee Lewis pianospel (dankzij gastmuzikant Gene Taylor), en Fats Domino’s I’m Ready, niet gebracht als pure rockabilly zoals we ook wel eens horen, maar als een rock ‘n’ roll song waarin ook weer de piano de show steelt. En we horen dus ook vaak genoeg de blues, zoals het eigen nummer Wine And Roses met uitstekend rauw mouthharpspel (door muzikale gast Big Pete), of de prima Johnny Guitar Watson cover Getting Drunk. Of zelfs soul. Je zou zeggen: blues, vooruit okay, maar soul? Opvallend is het wel: de blanke soulslijper Mohair Sam van Charlie Rich met Hammond orgel en al, maar het wordt prima uitgevoerd en maakt het album erg afwisselend. Of nog opvallender: Rocker CC Jerome die een eigen song in soulstijl schrijft… I’m In Love With You bevalt me echter wel, waarschijnlijk door de typische melodie die toch aan een rock ‘n’ roll ballad doet denken, al is de uitvoering nagenoeg soul te noemen. Het valt op dat Jerome’s stem door de jaren heen beter en zelfverzekerder is geworden.
En als we rock ‘n’ roll, rockabilly, blues en zelfs soul horen vinden we uiteraard ook de rhythm & blues terug, in al zijn varianten. Zo doet hun uitvoering van Barbara Lynn’s Oh Baby niet onder voor de muziek van iemand als Mike Sanchez, en hebben we het hier over een New Orleans stijl met blazers. Prima is Big Joe Turner’s Honey Hush, mét mouthharp, mét sax en mét piano, ruiger gaat het er toe in Ike Turner’s Trouble Up The Road, waarschijnlijk één van de ruigste nummers op het album, niet in de laatste plaats dankzij de goed smerige mouthharp. Maar we stoppen ook veren in de kont van de rhythm sectie, want strakker kan rock ‘n’ roll niet gespeeld worden. We halen nog een allerlaatste pennenvrucht aan van Jerome, namelijk Where Can I Get Some Stuff dat precies gaat over hetgeen je nu denkt maar wat muzikaal totaal iets anders is dan al het voorafgaande. In deze aardige opname zit namelijk een Mexicaanse sfeer met trompet (Niek Schut) en Spaanse gitaar (Rule No. 1) en valt volgens mij in de categorie Tex-Mex.
Om me de balans van hun muziek en hun album eigen te maken moest ik de CD wel enkele keren opzetten, maar dat wierp absoluut zijn vruchten af. Dit is dan ook een klasse album! Nederland is weer een rock ‘n’ roll band met furore rijker. Info: www.ccjeromesjetsetters.com (Frans van Dongen)